Bokbier is hét Nederlandse speciaalbier bij uitstek. Vrijwel alle brouwerijen hebben een bokbier in hun assortiment,
het is het meest gedronken Nederlandse speciaalbier en bovendien draait het grootste bierfestival al sinds 1978 om dit biertype.
Alle reden dus voor een Dossier Bokbier.
Wat is bokbier?
Bokbier is een seizoenbier dat in de periode oktober-februari verkrijgbaar is,
alhoewel de piek van het seizoen in oktober en november ligt.
Volgens onderlinge afspraken wordt het bokbier door de brouwers die zijn aangesloten bij het Centraal Brouwerij Kantoor begin oktober op de markt gebracht.
Sinds 2005 is die datum verschoven naar 21 september.
In 2009 wordt het bokbier weer verkocht vanaf de eerste maandag van oktober.
De kleinere brouwers gaan soms tegen deze regel in en komen dan net iets eerder op de markt.
Was bokbier tot 1982 een lage gistingsbier van rond de 6,5% alcohol, robijnrood van kleur en met een moutige en wat caramelachtige smaak, vandaag de dag is feitelijk alles mogelijk.
De enige eis die in de Bierverordening aan bokbier wordt gesteld is dat het een stamwortgehalte van minimaal 15,5 Plato.
PINT heeft daarom een genuanceerde Bokbierdefinitie opgesteld in 2005.
Tegenwoordig zijn er ook zwaardere bokbieren en experimenteren verschillende brouwers met de grondstoffen.
Er zijn zelfs verschillende bokbieren die lichter van kleur zijn dan de voorheen verplichte 40 EBC.
In 1983 pas op vat
Aan de ontwikkeling van het bokbier in de laatste twintig jaar valt heel goed de groei van de Nederlandse bierculuur af te lezen.
Pas in 1982 kwam het eerste bovengistende bokbier op de markt, gebrouwen door de Arcense Bierbrouwerij.
En in 1983 was Amstel Bokbier het eerste bokbier dat op vat verkrijgbaar was.
Daarna is het zoals gezegd hard gegaan: nu zijn er meer dan 50 bokbieren op de markt,
en wordt het bier zelfs in België gebrouwen (het was Chouffe dat in 1993 een bokbier lanceerde).
De geschiedenis van het Nederlandse bokbier
Er was maar weinig bekend over de historie en de ontwikkeling van het Nederlandse bokbier.
Inmiddels is de geschiedenis van het Nederlandse bokbier door Theo Flissebaalje gepubliceerd in
PINT-nieuws 151 van december 2005 en PINT-nieuws 152 van januari 2006.
PINT ontmaskert mythes over bokbier
Zoals de brouwers in de herfst traditiegetrouw uitpakken met bokbier,
zo herleven elke herfst de mythes die over deze biersoort de ronde doen.
Zo zou de oorsprong van dit speciaalbier in het Duitse Einbeck liggen.
Ook lees je telkens weer dat dit herfstbier vroeger speciaal werd gebrouwen om de kwaliteit van de nieuwe graanoogst uit te testen.
Nuchter als hij is, hield bierexpert Peter Kuppers van bierconsumentenvereniging PINT deze mythes kritisch tegen het daglicht,
met verrassende resultaten.
Zo toont hij met slechts een agenda, wat rekenwerk en zijn grondige kennis van het brouwproces aan dat
áls je echt bokbier zou brouwen van de eerste oogst zomergerst,
dat dat bier dan pas in het vroege voorjaar klaar zou zijn.
In de woorden van Peter Kuppers zelf:
"Van de eerste oogst zomergerst kun je ongetwijfeld lekker bier brouwen.
Maar herfstbok?"
Hieronder zie je een tijdstabel, waarin de stappen staan die in de 19e en een groot deel van de 20e eeuw leidden tot
een voor consumptie geschikt bokbier.
- Oogsten in augustus (eind) / september (begin).
- Een maand rust om het enzym af te breken, dat verhindert dat de gerstekorrel al op de aar in het veld tot ontkieming komt.
Zolang het enzym actief is, kun je niet mouten.
- Mouten in oktober. Ruim een week.
- Een maand moutrust, omdat jongmout een troebel en slecht filtreerbaar beslag oplevert.
- Brouwen op zijn vroegst half november, uiterlijk half december.
- Bokbier is een bier met een stamwortgehalte* van 16-18 graden.
Een oude vuistregel is: stamwortgehalte = lagertijd van het bier in weken, voor bok dus 16 tot 18 weken.
- Bier gereed in februari / maart.
Zo'n bok noemen wij een Mei- of lentebok.
Hoe Peter Kuppers afrekent met andere veronderstellingen over bokbier, leest u in het
volledige artikel.
*Stamwort is de totale hoeveelheid uit mout en hop in water opgeloste stoffen die voor de gisting in de vloeistof aanwezig is;
het betreft vooral moutsuiker en kleine hoeveelheden mineralen, aminozuren, proteďnen en vitamines.